VERHALEN ALS REIZIGER

Wat je op reis al niet kunt meemaken.

 

Nepal: het gordijntje.

 

Wij vertrokken uit Benares met een Fokker Friendship.
Het was een mooi, vrijwel nieuw, blinkend toestel. Het interieur was uitgevoerd in beige kleur. Heel mooi pasten daarbij de lichtblauwe gordijntjes voor de ramen. Ze ademden sfeer.
Ik weet nog goed dat ze lichtblauw waren omdat ze tot op heden in mijn geheugen staan gegrift.
Waardoor, dat zal ik u vertellen.

Wij werden ontvangen door een mooie stewardess in nationale kleding rose et bleu. Ze boezemde vertrouwen in.
Ze had de zwarte blinkende haren strak naar achteren gekamd tot een grote wrong. In haar oren hingen twee grote gouden oorbellen.
Ze leek geknipt uit een folder die wij van het reisbureau hadden gekregen. Erbij stond vermeld dat je je bij haar volkomen thuis voelde.

Wij kregen twee stoelen toegewezen helemaal achterin links bij de deur. De andere passagiers, een tiental Indische zakenlieden, werden bij elkaar gezet voorin, zodat er een flinke ruimte overbleef die onbezet was.
De stewardess kwam de klaptafeltjes voor ons opzetten. Ze had een schaal in de handen. We konden kiezen: kauwgum of een sirihpruim. Een soort pruimtabak, waar je mond en lippen fel oranje van kleuren.
We namen kauwgum.
Toen ze terugliep wees mijn vrouw mij op de opgeklapte tafeltjes voor ons. Langs de opstaande rand zag je nog eigeel van de vorige passagiers. Waarschijnlijk hadden zij voor ontbijt een omelet of een gekookt eitje genoten.
Onze achting voor de stewardess begon te tanen.

Van Benares naar Kathmandu, de hoofdstad van Nepal, is maar 400 kilometer vliegen. Met start en landing mee maar een goed uur voor de Friendship.
Het is een ongelooflijk mooie tocht over de met dicht woud begroeide bergketen van Mahabharat. Deze bergketen met toppen tot 3000 meter vormt de natuurlijke grens met India. De bergen zijn vrijwel onbewoond vanwege de ernstige ziekten die hier voorkomen en ook omdat er zoveel gevaarlijke wilde dieren in de bossen leven.
Door deze bergen is Nepal eeuwen geïsoleerd gebleven, maar ook gevrijwaard van vreemde overheersing. Zelfs het Engelse kolonialisme is er nooit doorgedrongen. Daardoor zijn ook de talrijke kunstwerken in dit land voor altijd bewaard gebleven.

We vlogen vlak over de toppen. Soms ertussendoor.
Het was schitterend helder weer. Heel in de verte kon je de met sneeuw bedekte ruwe bergketen zien van de Himalaya. Er was geen wolkje te zien om de hoge toppen, waarvan enkelen tot boven de 8000 meter reiken.
Wat moet het hier mooi zijn als in het voorjaar de rododendrons bloeien. De bergen van de Mahabharat zijn bezaaid met deze prachtige struiken en bomen.
We konden niet genoeg krijgen van het prachtige uitzicht op dit fascinerende landschap.

We werden uit onze dromerij gerukt door de stewardess die kwam vragen of we wat eten wilden.
'No, thank you.'
Ze was klaar met haar werk. Voldaan vleide ze zich in een stoel aan het raam aan de overkant in de rij vlak voor ons.
Op een gegeven ogenblik stootte mijn vrouw mij aan.
'Moet je nou eens kijken,' zei ze, met een blik op onze stewardess. Die zat met het hoofd tegen het raam, alsof ze zat te genieten van het uitzicht. In werkelijkheid zat ze met volle aandacht in haar neus te peuteren.
Nu kan dat iedereen overkomen als niemand het ziet. Ze had niet in de gaten dat wij haar van onze plaatsen af konden begluren.
Maar wat ze toen deed is mijns inziens enig in de geschiedenis van de burgerluchtvaart.
Ze veegde haar vingers af aan het gordijntje.

Tien minuten later kwam ze weer langs. We begonnen te dalen. Of we nog wat gebruiken wilden. Een glas orange juice of zo.
Wij dachten aan het eigeel en aan het gordijntje.
'No, thank you.'

 

J.H. Frenken

 

Naar het vervolg...