VERHALEN ALS REIZIGER

Macao

 

Bent u wel eens in Macao geweest?
Een merkwaardige historische Portugese nederzetting aan de oostkust van China. Vanuit Hongkong is het slechts een goed uur varen met de hydrophoil vleugelboot.
Wij werden er rondgeleid door een Chinese gids die goed Engels sprak. Hij bracht ons eerst naar de monumentale kathedraal.
Dat wil zeggen de voorgevel van de kathedraal, want het bouwwerk zelf is voor de rest volkomen verdwenen.. De hoge grijze façade zonder ramen domineert de hele stad.

Van daar trokken wij lopend naar de haven. Daar werd ons trots de luxueuse speelboot, het casino van Macao, versierd met schitterend Chinees houtsnijwerk, getoond. Maar even verder zagen wij in de haven de massa sampans liggen. De grote armoede water.
Hele families op kleine wankele houten bootjes met daken van riet. Ze leven helemaal op het water. Ze wassen zichzelf, de kleren, de vaat en bovendien spoelen ze de groente met dat vieze water, waarin velen vaak overboord hun behoeften doen, of die in emmers overboord gooien. Allerlei vuil drijft rond tussen die sampans.
Daar hoef je nu echt niet voor naar Macao te gaan om dat te zien.

Dan volgde een bezoek aan de oude verdedigingswerken. Het oude fort met het schitterende uitzicht over de haven en een deel van het Chinese vasteland maakte op ons een overweldigende indruk.
Vooral het binnenvaren in de haven van de grote houten Chinese zeilboten blijft je altijd bij.
Toen kwam de oude prachtige Chinese tempel aan de beurt. Wij bewonderden het kunstige oude beeldhouwwerk. We hebben rustig gezeten in de koele tuin, waarin men de herdenking kan lezen van het feit dat de Portugezen de Hollanders uit Macao hebben verdreven.
Ook de herinnering aan de beroemde Portugese dichter-banneling Camoës wordt hier in ere gehouden. Delen van zijn gedichten zijn in steen uitgehouwen te zien. Een borstbeeld siert het plein te zijner gedachtenis.

Op de terugweg laat in de middag naar de steiger van de vleugelboot bracht de gids ons door donkere straatjes en steegjes van de oude stad.
Door lage deurtjes van honderden jaren oude huizen keken wij in donkere lokalen. Volgens de gids waren dat de 'opiumholen'. Een weeë zoetige lucht van eten en speciale rook drong ons tegemoet.

Plotseling stonden we voor een echt ouderwets Chinees restaurant. Er hing geen menu achter het enige raam. Geen spijskaart sierde de oude openstaande deur.
Wat je binnen bestellen kon stond in levende lijve tentoongesteld, achter draad in kooien rondom de deuropening.
In die kooien zaten apen die je met grote verwonderde ogen aankeken. Weer andere kooien herbergden slangen, dikke en dunne, grote en kleine, gele, grijze en geblokte slangen.
Ook waren er ratten te zien, schildpadden en slakken in allerlei soorten en maten.

De gids vertelde dat je binnen ook muizen kon krijgen. Die werden tegen verkoudheid en keelpijn levend doorgeslikt, net als de verse haring bij ons.
Daarbinnen kon je dan ook nog honden en kattenvlees verorberen, maar die dieren mochten ze niet in de kooien aan de deur te kijk zetten om de toeristen niet te ergeren.
Ik vroeg de gids waar ze die honden vandaan haalden. Hij trok zijn schouders op. 'Dogs everywhere', zei hij. Daarbij maakte hij een beweging alsof hij met een stok een hond een klap gaf.
Een misselijk gevoel kwam in mij op zetten.
Nee, vlees van apen, ratten, slangen, honden of katten..dat nooit..!